Donut

 

1- Bodemvruchtbaarheid

Mate van bodemvruchtbaarheid van de bodem (landerijen, akkers, weilanden etc.).

Graag een cijfer over de bodemvruchtbaarheid.


Omschrijf hoe je op het cijfer van de bodemvruchtbaarheid bent gekomen.

2- Klimaatverandering

Mate van uitstoot van  broeikasgassen, verbruik van energie, energie-efficiëntie en gebruik van hernieuwbare energie en opslag CO2 in de bodem en in bomen als organische stof.

Cijfer klimaatverandering


Omschrijf hoe je op het cijfer van de klimaatverandering bent gekomen.

3- Stikstofneerslag

De mate waarin het bedrijf N (Nox en ammoniak) uitstoot (emissie) die regionaal neerslaat en als depositie nabijgelegen natuurterreinen verzadigt. 

-Voor P zie bodemvruchtbaarheid-
Het gaat om het N- overschot (d.w.z., het verschil tussen N- aanvoer via bemesting en de gewasopname) en de mogelijkheid om deze overschotten in de bodem te bufferen (verzadigingsgraad).

Cijfer stikstofneerslag


Omschrijf hoe je op het cijfer van de stikstofneerslag bent gekomen.

4- Dieren- en plantensoorten

De soortenrijkdom van de landerijen, sloten en het erf.

Cijfer Dieren- en plantensoorten


Omschrijf hoe je op het cijfer van de dieren- en plantensoorten bent gekomen.

5- Mondiale herkomst grondstoffen

Mate van mondiale aankoop van grondstoffen voor het bedrijf.

Cijfer mondiale herkomst grondstoffen


Omschrijf hoe je op het cijfer van de mondiale herkomst grondstoffen bent gekomen.

6- Verspilling restproducten

Mate waarin reststromen op het bedrijf verloren gaan en dit de circulariteit van kringlopen nadelig beïnvloedt.

Cijfer verspilling restproducten


Omschrijf hoe je op het cijfer van verspilling restproducten bent gekomen.

7- Stank & fijnstof

De mate waarin de omgeving van het bedrijf  last heeft van stank en fijnstof wordt uitgestoten.

Cijfer stank & fijnstof


Omschrijf hoe je op het cijfer van stank en fijnstof bent gekomen.

8- Watervervuiling

Mate waarin water en erfafspoeling plaatsvindt en waarin afvalwater wordt afgevoerd of geloosd.

Cijfer watervervuiling


Omschrijf hoe je op het cijfer van watervervuiling bent gekomen.

9- Doelmatig waterbeheer

Mate waarin het gebruik van water in de bedrijfsvoering doelmatig wordt beheerd, afvalwater wordt geminimaliseerd en mate waarin actief regenwater wordt beheerd.
Betreft: grond-, leiding- en regenwater.

Cijfer doelmatig waterbeheer


Omschrijf hoe je op het cijfer van doelmatig waterbeheer bent gekomen.

10- Eerlijk voedsel

Mate van transparantie (en integriteit) waarop / waarmee voedsel bewerkt wordt tot een eindproduct en daarover gecommuniceerd wordt. Het moet gaan om de herkomst van het product en het vertrouwen in dat product.

Cijfer eerlijk voedsel


Omschrijf hoe je op het cijfer van eerlijk voedsel bent gekomen.

11- Eerlijke prijs

De mate waarin de boer (via een korte keten) regie heeft op zijn product met daarbij een eerlijke prijs waarbij extra inspanningen worden beloond.

Cijfer eerlijke prijs


Omschrijf hoe je op het cijfer van eerlijke prijs bent gekomen.

12- Burgerbetrokkenheid

Mate waarin de consument en boer met elkaar verbonden zijn (meedoen, kopen/bestellen en/of financieel participeren).

Cijfer burgerbetrokkenheid


Omschrijf hoe je op het cijfer van burgerbetrokkenheid bent gekomen.

13- Lokale afzet

De mate waarin de producten van de boerderij niet anoniem op de wereldmarkt hun weg vinden, maar herkenbaar en lokaal, in eigen streek/regio (= op fietsafstand) worden afgezet.

Cijfer lokale afzet


Omschrijf hoe je op het cijfer van lokale afzet bent gekomen.

14- Schone energie

Verbruik: mate waarin direct en indirect schone energieverbruik wordt gebruikt verlaagd.
Herkomst: mate waarin energie uit hernieuwbare bronnen komt.

Zie ook: Klimaat (CO2)

Cijfer schone energie


Omschrijf hoe je op het cijfer van schone energie bent gekomen.

15- Gemotiveerde betrokkenheid

De mate waarin de boer intrinsiek gemotiveerd is om bij te dragen aan een maatschappelijk voedselsysteem.

Cijfer gemotiveerde betrokkenheid


Omschrijf hoe je op het cijfer van gemotiveerde betrokkenheid bent gekomen.

16- Dierengezondheid en -welzijn

Thema diergezondheid en dierenwelzijn: mate waarin er actief wordt omgegaan met diergezondheid.

Thema dierenwelzijn: leefvoorzieningen: mate waarin er actief wordt gezocht naar goede leefvoorzieningen

Cijfer dierengezondheid en -welzijn


Omschrijf hoe je op het cijfer van dierengezondheid en -welzijn bent gekomen.

17- Streekeigen landschap

Inpassing in landschap: mate waarin en de manier waarop de bedrijfsvoering het streekeigen karakter van landschap bevorderd.

Cijfer streekeigen landschap


Omschrijf hoe je op het cijfer van streekeigen landschap bent gekomen.

18- Behoud cultuurhistorisch erfgoed

De mate waarin de boerderij en de landerijen bijdragen aan het cultuurhistorisch erfgoed en/of beleving daarvan.

Cijfer behoud cultuurhistorisch erfgoed


Omschrijf hoe je op het cijfer van behoud cultuurhistorisch erfgoed bent gekomen.

19- Werkgelegenheid

Mate waarin het bedrijf (nieuwe) perspectieven biedt voor arbeid.

Cijfer werkgelegenheid


Omschrijf hoe je op het cijfer van werkgelegenheid bent gekomen.

20- Financieel gezond

Mate waarin er financiële ruimte is om te kunnen investeren, eigen arbeid en eigen vermogen vergoed wordt..

Cijfer financieel gezond


Omschrijf hoe je op het cijfer van financieel gezond bent gekomen.

21- Maatschappelijke functie

De mate waarin de boerderij bijdraagt aan maatschappelijke doelen en welzijn.

Cijfer maatschappelijke functie


Omschrijf hoe je op het cijfer van maatschappelijke functie bent gekomen.